fionafoodbroccolihamquiche

Griekse Pasta Salade

To terugstuur or not to terugstuur en de groeten van Fiona

Stel: je zit te eten in een Van der Valk-achtige situatie. Ja, ik zeg toch: stel! en Ja, dat zou ook je eigen schuld zijn, maar het kàn toch ook dat opa en oma het een goed idee vonden om weer eens met de hele familie ‘gezellig’ uit eten te gaan? Er zijn zat opa’s en oma’s die nog immer in de veronderstelling verkeren dat Van der Valk een goed etablissement is wat kan dienen als locatie voor een familiediner. Daar verander je niets aan. Opa en oma zijn al oud èn je krijgt er desgevraagd extra aardappeltjes. Zeg nou zelf. En dat je vond dat je het niet kon máken om je culinaire neus op te trekken voor dit goedbedoelde aanbod, dat kan.

De laatste keer dat ik tot mijn diepe verdriet in de Van der Valk eindigde, was niet eens met een opa of een oma. Erger nog, het was mijn eigen schuld toen we in 1 dag vanuit Praag kwamen scheuren met 4 man in een auto, waarbij vermeldenswaardig is dat het 39 graden was in de schaduw en de airco in onze auto de geest had gegeven. Van schaduw is op de Autobahnen evenwel geen sprake en je dan moeten behelpen met ARKO (Alle Ramen Kunnen Open) is niet echt dat je zegt, een feest. Anyway, onze tijdsplanning was ook nog eens niet van dien aard dat we het culinair veilige Amsterdam op tijd zouden bereiken voor een acceptabele etenstijd èn het was halve finale het WK voetbal. We wilden deze halve finale wel graag zien, hoewel wij die vrijwel niets van voetbal weten, niet vonden dat Nederland mooi speelde of verdiend in de halve finale was gekomen. Maar toch, zo’n halve finale is ook niet niets, die wilden we dus zien.

We moesten wat. We moesten Van der Valk. We houden onszelf in dergelijke gevallen voor dat het ook weleens goed is weer met beide benen te aarden in wat de “rest van het volk” als “lekker” bestempelt, inclusief die reeds genoemde opa’s en oma’s.

Ik besloot bij Van der Valk tot een maaltijdsalade (want veiligste optie naar mijn idee). Het lieve doch tamelijk sneu-e jochie van amper 16 jaar, wat de pech had die dag te moeten werken, zette mijn bord met salade voor mijn neus, keek me stoïcijns aan en zei doodleuk en met droge ogen dat ik bij mijn maaltijdsalade ook nog eens onbeperkt van het salade-buffet mocht opscheppen. Ik keek verbaasd naar mijn bord salade, keek de jongen nog maar een keer niet begrijpend aan, wees naar mijn bord salade en hij miste totaal al mijn verbazing. Ik besloot die jongen niet verder zijn dag te verpesten met bijdehand Amsterdams gedoe. Hij moest ook al werken, was nog geeneens 16, en dat was allemaal al zielig genoeg. De Van-der-Valk-saladebar in kwestie, ik heb er uit nieuwsgierigheid een rondje omheen gelopen. Ik zou om de inhoud saladebar moeten wedijveren met een gigantisch leger vieze vliegen die de saladebar als feestmaal beschouwden. Ik heb die saladebar verder gelaten voor wat hij was. Zoals gezegd, het was warm en Van der Valk had ook niet veel meer dan ARKO, vandaar de vliegen. Hoop ik...

Na enige tijd kwam ons 16-jarige jochie vragen of alles naar wens was. Ik gebruikte mijn laatste beetje humane beschaving om het jochie niet op z’n Amsterdams uit te leggen wat ik er werkelijk van vond. Ik slikte -tegelijkertijd- zo’n 8 superbijdehandte antwoorden in, keek het jochie nog eens meewarig aan en en zei dat het voldeed aan mijn verwachting Dat was geen compliment, maar wel geheel naar waarheid. Hij dacht dat dat aardig was. Ik heb hem in die waan gelaten.

Normaal doe ik dat nooit meer, iets beleefds zeggen als ik het bagger vind. Bij Van der Valk laat ik het overigens zitten omdat ik het mijn eigen schuld vind. Ik weet wat ik daar kan verwachten, ik word daar immer suïcidaal van de culinaire situatie, dus dat kan ik dat jochie niet kwalijk nemen, daar kan de kok verder niets aan doen; die warmt netjes op wat hem is opgedragen en ik zou beter moeten weten.

Toch, ik vind het wel een mooi beginsel dat als je er geld voor neerlegt en de verhouding tussen het betaalde en het gekookte staat niet in verhouding tot elkaar staat, dan is er wat mij betreft sprake van non-conformiteit of als het nog erger is, wanprestatie. Het gaat dan ook onverbiddelijk terug. Ik vertik het om een hoop geld te betalen als ik met weemoed naar een kant-en-klaar-pakje van de Appie ga verlangen en dat wil wat zeggen. Dus nee.

Dit is meteen een oproep aan alle lezers: het is tijd om geen genoegen meer te nemen met bagger. Te vaak denk ik dat we als brave makke schaapjes zeggen dat het gesmaakt heeft als we dat helemaal niet vonden. Is dat beleefd? Ik draai het om: als ik als klant niet serieus genomen word, waarom zou ik dan ineens beleefd gaan zitten doen? Aldus. En van fouten kan men leren. Met feedback kan wat gedaan worden. In ons omringende landen wordt niet van die troep aan een klant geserveerd, ze kijken wel uit. Geen klant die dat pikt.

En als we met opa’s en oma’s mee zijn, dan zeggen we: ja het heeft gesmaakt en dank u wel. Dan kunnen we samen de kerstdagen weer door en is met oog op erfenissen vaak verstandig. Over die kerstdagen later meer. Dat dus.

Ik heb nog wel een lekkere salade. Recept mag je rustig delen. Alleen niet met de familie Van der Valk, die kan dit toch niet.

Griekse pastasalade (want met feta, komkommer, knoflook en yoghurt, heel Grieks dus)

nodig voor 2 personen:
200-250 gram pasta (penne, fusili, vlinders, zoiets)
1 komkommer
1 teen knoflook
wat Griekse yoghurt, van die romige (eetlepel of 4)
olijfolie (eetlepel of 2)
1/2 plak feta (wel echte hè, van de kaasboer, die van geitenmelk)
zout en versgemalen peper
wat verse peterselie

Nou, pasta koken bijna volgens aanwijzingen op de verpakking (1 minuut korter ongeveer, zodat ie nog een beetje dente blijft). Pasta afkoelen onder de kraan. Komkommer overlangs in vieren en dan in stukjes (andere vormpjes mogen ook). Feta in kleine stukjes (die mag gerust helemaal stukbrokkelen hoor). Samen met pasta en komkommer in een schaal gooien.

Dressing maken van yoghurt, olijfolie, zout, peper en de geperste teen knoflook. Peterselie klein en erdoor (helpt meteen wat tegen de knoflookgeur). Proeven en naar smaak bijsturen.

Dressing door de salade, roeren: klaar! Daar kan nog iets van een vleesje bij of een visje. Ik had kipkluifjes.

De laatste keer dat ik tot mijn diepe verdriet in de Van der Valk eindigde, was niet eens met een opa of een oma. Erger nog, het was mijn eigen schuld toen we in 1 dag vanuit Praag kwamen scheuren met 4 man in een auto, waarbij vermeldenswaardig is dat het 39 graden was in de schaduw en de airco in onze auto de geest had gegeven. Van schaduw is op de Autobahnen evenwel geen sprake en je dan moeten behelpen met ARKO (Alle Ramen Kunnen Open) is niet echt dat je zegt, een feest. Anyway, onze tijdsplanning was ook nog eens niet van dien aard dat we het culinair veilige Amsterdam op tijd zouden bereiken voor een acceptabele etenstijd èn het was halve finale het WK voetbal. We wilden deze halve finale wel graag zien, hoewel wij die vrijwel niets van voetbal weten, niet vonden dat Nederland mooi speelde of verdiend in de halve finale was gekomen. Maar toch, zo’n halve finale is ook niet niets, die wilden we dus zien.

We moesten wat. We moesten Van der Valk. We houden onszelf in dergelijke gevallen voor dat het ook weleens goed is weer met beide benen te aarden in wat de “rest van het volk” als “lekker” bestempelt, inclusief die reeds genoemde opa’s en oma’s.

Ik besloot bij Van der Valk tot een maaltijdsalade (want veiligste optie naar mijn idee). Het lieve doch tamelijk sneu-e jochie van amper 16 jaar, wat de pech had die dag te moeten werken, zette mijn bord met salade voor mijn neus, keek me stoïcijns aan en zei doodleuk en met droge ogen dat ik bij mijn maaltijdsalade ook nog eens onbeperkt van het salade-buffet mocht opscheppen. Ik keek verbaasd naar mijn bord salade, keek de jongen nog maar een keer niet begrijpend aan, wees naar mijn bord salade en hij miste totaal al mijn verbazing. Ik besloot die jongen niet verder zijn dag te verpesten met bijdehand Amsterdams gedoe. Hij moest ook al werken, was nog geeneens 16, en dat was allemaal al zielig genoeg. De Van-der-Valk-saladebar in kwestie, ik heb er uit nieuwsgierigheid een rondje omheen gelopen. Ik zou om de inhoud saladebar moeten wedijveren met een gigantisch leger vieze vliegen die de saladebar als feestmaal beschouwden. Ik heb die saladebar verder gelaten voor wat hij was. Zoals gezegd, het was warm en Van der Valk had ook niet veel meer dan ARKO, vandaar de vliegen. Hoop ik...

Na enige tijd kwam ons 16-jarige jochie vragen of alles naar wens was. Ik gebruikte mijn laatste beetje humane beschaving om het jochie niet op z’n Amsterdams uit te leggen wat ik er werkelijk van vond. Ik slikte -tegelijkertijd- zo’n 8 superbijdehandte antwoorden in, keek het jochie nog eens meewarig aan en en zei dat het voldeed aan mijn verwachting Dat was geen compliment, maar wel geheel naar waarheid. Hij dacht dat dat aardig was. Ik heb hem in die waan gelaten.

Normaal doe ik dat nooit meer, iets beleefds zeggen als ik het bagger vind. Bij Van der Valk laat ik het overigens zitten omdat ik het mijn eigen schuld vind. Ik weet wat ik daar kan verwachten, ik word daar immer suïcidaal van de culinaire situatie, dus dat kan ik dat jochie niet kwalijk nemen, daar kan de kok verder niets aan doen; die warmt netjes op wat hem is opgedragen en ik zou beter moeten weten.

Toch, ik vind het wel een mooi beginsel dat als je er geld voor neerlegt en de verhouding tussen het betaalde en het gekookte staat niet in verhouding tot elkaar staat, dan is er wat mij betreft sprake van non-conformiteit of als het nog erger is, wanprestatie. Het gaat dan ook onverbiddelijk terug. Ik vertik het om een hoop geld te betalen als ik met weemoed naar een kant-en-klaar-pakje van de Appie ga verlangen en dat wil wat zeggen. Dus nee.

Dit is meteen een oproep aan alle lezers: het is tijd om geen genoegen meer te nemen met bagger. Te vaak denk ik dat we als brave makke schaapjes zeggen dat het gesmaakt heeft als we dat helemaal niet vonden. Is dat beleefd? Ik draai het om: als ik als klant niet serieus genomen word, waarom zou ik dan ineens beleefd gaan zitten doen? Aldus. En van fouten kan men leren. Met feedback kan wat gedaan worden. In ons omringende landen wordt niet van die troep aan een klant geserveerd, ze kijken wel uit. Geen klant die dat pikt.

En als we met opa’s en oma’s mee zijn, dan zeggen we: ja het heeft gesmaakt en dank u wel. Dan kunnen we samen de kerstdagen weer door en is met oog op erfenissen vaak verstandig. Over die kerstdagen later meer. Dat dus.

Ik heb nog wel een lekkere salade. Recept mag je rustig delen. Alleen niet met de familie Van der Valk, die kan dit toch niet.

Griekse pastasalade (want met feta, komkommer, knoflook en yoghurt, heel Grieks dus)

nodig voor 2 personen:
200-250 gram pasta (penne, fusili, vlinders, zoiets)
1 komkommer
1 teen knoflook
wat Griekse yoghurt, van die romige (eetlepel of 4)
olijfolie (eetlepel of 2)
1/2 plak feta (wel echte hè, van de kaasboer, die van geitenmelk)
zout en versgemalen peper
wat verse peterselie

Nou, pasta koken bijna volgens aanwijzingen op de verpakking (1 minuut korter ongeveer, zodat ie nog een beetje dente blijft). Pasta afkoelen onder de kraan. Komkommer overlangs in vieren en dan in stukjes (andere vormpjes mogen ook). Feta in kleine stukjes (die mag gerust helemaal stukbrokkelen hoor). Samen met pasta en komkommer in een schaal gooien.

Dressing maken van yoghurt, olijfolie, zout, peper en de geperste teen knoflook. Peterselie klein en erdoor (helpt meteen wat tegen de knoflookgeur). Proeven en naar smaak bijsturen.

Dressing door de salade, roeren: klaar! Daar kan nog iets van een vleesje bij of een visje. Ik had kipkluifjes.

fionafoodbroccolihamquiche

Brocolli ham quiche

Quiche, de nog net niet afvalbak aan tafel en de groeten van Fiona

Heb je dat ook dat het wisselen der seizoenen zich aandient door trek krijgen in andere dingen? Ik wel, en hoewel ik nog weiger dat de herfst vroeg inzette, moet ik toch wel bekennen dat die 14 dagen vakantie die ik de middelste weken van augustus op een Geheime Lokatie in Eigen Stad doorbracht, toch wat in het koude regenwater viel. Dat leek heel herfstig. Met ook Warme Kleren al, boehoehoe.

Nog een geluk dat ik enorm fan van Ernstige Arthouse Films ben en de filmhuizen Rialto en De Balie precies in mijn vakantie World Cinema Amsterdam hielden, het jaarlijkse filmfestival met films uit alle verre uithoeken van de wereld. Dit keer met het accent op films uit Kazachstan en Uruguay, dus daar heb ik ernstig van genoten en was het misschien maar goed ook dat het letterlijk de lucht uit zeek. Want met een superzonnetje en eindeloos terrasweer nodigt de binnenkant van de bioscoop wat minder uit en is de overgang van in het donker film kijken naar de felle zon buiten wat heftig. Overigens, dat zal dan geen verrassing zijn, het was geen toeval dat mijn vakantie en World Cinema Amsterdam samenvielen. Even los van lekkere dingen om te eten, kan ik filmliefhebbers + toch wel echt aanraden dit filmfestival in de gaten te houden en op zijn minst een film mee te pikken volgend jaar. Hier zitten juweeltjes tussen....

Maar genoeg film, dit is een foodblog. De tijd van frisse maaltijdsalades als hoofdmaaltijd, al dan niet ingepakt om al dan niet mee te nemen naar bijvoorbeeld de lange zoomeravonden van Artis, die is wel een beetje voorbij. De zoomeravonden van Artis trouwens ook, dus hoewel van officiële herfst nog net geen sprake is, is ie er meteorologisch geloof ik al wel en daar heb ik dan weer geen verstand van, qua weer merk ik toch overduidelijk dat ik trek begin te krijgen in herfstige dingen. De echte, echte herfsthapjes, die bewaar ik nog even voor de herfstblogs, maar we kunnen wat mij betreft wel beginnen aan een overgangsfase, ja toch?

Quiche als pre-herfsthapje, het kan trouwens ook volgend jaar weer heel goed wel mee naar de zoomeravonden van Artis, of naar een willekeurig picknickveldje of desnoods in de achtertuin, zou je die hebben. Maar quiche dus, dat is zo’n handige pre-afvalsituatie. Je kunt er namelijk voor kiezen om met voorbedachte rade aan quiche te beginnen door te verzinnen welke je wil, de ingrediënten ervoor aan te schaffen en aan het werk te gaan, maar het is net als soep en nasi een uitstekende manier om je koelkast uit te mesten, te kijken naar combi’s die fähig lijken en gewoon wat in elkaar te flansen. Zie ook mijn blog over koelkastarcheologie. Dit is er ook zo’n variatie op.

Dan kun je nog zelf stoere deegjes maken, maar vandaag doen we makkelijk. En verreweg de aller-aller-makkelijkste manier van quiche maken is met bladerdeeg uit de vriezer. Hoepla, klaar. Wel heb je perse nodig: eieren en dikke yoghurt (of crème fraîche, wat je wil). En wat je vind in koelkast en voorraadkast. Bedenk ook: de ingrediënten moeten droog zijn. Met tomaten moet je dus erg oppassen, het kan wel, maar let op dat het geen kledder wordt. Quiche en lasagna: zijn geen soep, dit is een belangrijk advies! Prei en spinazie kunnen, maar moet je dus wel ook mee oppassen dat het geen plassen water-quiche wordt.

Mijn voorbeeld van vandaag: broccoli-quiche met hamblokjes. En salade erbij.

Nodig: stuk of 6-8 plakjes bladerdeeg
broccoli, iets van een half pond, klein struikje
1 ui
1 teentje knoflook
100 - 150 gram hamblokjes
5 eieren
iets van 200 ml dikke yoghurt of creme fraiche
iets van kruiden naar smaak, iig zout, peper, wat paprikapoeder en dan kan er iets van rozemarijn in, altijd lekker; oregano kan, dille mag, kijk gewoon wat je lekker vind.

Dan, snipper de ui in reepjes en bak deze met de knoflook in een klein scheutje olie. Let op dat de knoflook niet doorbakt, want dan wordt ie bitter.

Verdeel de broccoli in kleine! roosjes (klein want aan grote stukken brandt je je waffel nogal substantieel is mijn ervaring) en blancheer dat even een paar minuutjes in kokend water. De steel kun je trouwens ook gewoon gebruiken, in kleine stukjes snijden en gewoon mee laten doen, die heeft niets misdaan.

Klop de eieren luchtig en doe er de yoghurt en kruiden door.

Vet een bakvorm (of 2 kleintjes) in met een beetje olie en verdeel het bladerdeeg (na het verwijderen van de plasticjes) in de vorm. Druk de randjes van het bladerdeeg goed aan zodat er niets tussenuit kan sijpelen. Let ook op dat je de bestoven kant op de bakvorm plakt en de plakkerige kant dus de binnenkant van de quiche wordt.

Verdeel de vulling over het bladerdeeg. Dan opvullen met het ei-yoghurt-mengsel en een half uurtje de oven in op 170-180 graden.

Let op, het hangt er echt vanaf hoe vochtig de inhoud van je quiche is en van je oven wanneer het klaar is. Als de binnenkant niet meer vloeibaar is (even erin prikken met sateprikker), dan is ie klaar. Anders nog niet.

Beter is als ie niet echt lekker gaar wil worden, om op een lagere temperatuur langer te bakken dan op een hogere temperatuur korter. Dan verbrandt namelijk vooral de buitenkant en da’s niet gezellig.

Nou, en dan is het klaar. Salade met wat je aan rauwkost kunt vinden wat salade-fähig is, lekkere dressing erover en klaar!

fionafoodAardbeienmuffins

Aardbeienmuffins

Muffins en de groeten van Fiona

Ik hou van eten wat er uitziet als heel wat, waarvan mijn gasten ademloos blij gaan kijken bij het voorzetten van de door mij gemaakte hapjes en dingen als “ohhhhh” en “ahhhh” en “sjemig” gaan roepen. Ik hou er dan nog heel erg veel meer van als ik weet dat ik hetgeen waar “ohhhh” en “ahhhh” en “sjemig” over geroepen wordt, kan maken met twee vingers in mijn neus, ogen dicht en desnoods in dronken toestand.

Goed, dat laatste gebeurt nooit meer sinds ik 10 jaar geleden voor het eerst mijn huidige vriendje te eten ging geven en de zenuwen wat de baas wilde en dus 2 triple biertjes op een lege maag aan het eind van de middag innam en niet gezien had dat dat triple’tjes waren waardoor de krieltjes gebakken doch rauw op tafel eindigden en ik de ijs-kwarktaart waarvan ik ook de kwark zelf had gemaakt en waar ik om 6 uur die ochtend voor op was gestaan, vergat uit de vriezer te halen en waarvan mijn vrienden dit verhaal domweg niet geloofden want die konden zich echt niet voorstellen dat ik rauwe krieltjes op tafel zou zetten. Hij is evengoed mijn vriendje geworden, dus kun je nagaan hoe goed ik koken kan, hij viel ervoor ondanks de rauwe krieltjes en de vergeten ijstaart. Het hielp me denk ik wel dat hij van huis uit niet veel gewend was, maar dat laat ik voor mijn gemak gewoon lekker buiten beschouwing.

Zo ontdekte ik een tijdje geleden muffins. Debielengebak. Echt serieus, ik ken maar 1 iemand waarvan ik weet dat die dit niet kan maar in dat geval weet ik bijzonder zeker dat dit niet ligt aan de eenvoud van het kookproces van de muffin. Ik durf eigenlijk wel te stellen dat je niets aan zoetigheid (of hartigheid, want je kunt ze ook hartig maken) is wat makkelijker is dan een muffin. Dus alleen als je in de veronderstelling verkeert dat tzatziki en vanillevla samen in een bakje als toetje kunnen fungeren, raad ik af aan muffins te beginnen.

Verder zeg ik: al kun je werkelijk niets, ben je qua kookgevoel en -talent volledig onbevoegd en zou je jezelf als volslagen kookdebiel kwalificeren, dan is muffins je ding! Je behoeft er zelfs geen mixer voor! Voor iedereen met een tandje meer talent en gevoel: muffins!

Het enige wat je moet weten: je mengt apart alle droge ingrediënten en alle natte ingrediënten. Dat flikker je vlak voor het “in het muffinvormpje doen” door elkaar, gewoon met een lepel of een gebaksmeerspatel die flexibel is en ongetwijfeld een naam heeft, je hoeft je geeneens druk te maken over klonten. Hup in dat muffinvormbakje, oven in en wachten maar. Nicht zu glauben, wirklich nicht zu glauben.

Sinds ik dit geheim ontdekte, hebben allemaal verschillende muffins zich een weg van mijn aanrecht, door mijn oven, naar mij en al mijn tafelgenoten weten te vinden. Van mediterrane (feta, olijf, zontomaatjes en rozemarijn), appel/cruesly, appel-anders, salami/courgette, you name, it, het is geweldig.

Ik ga het geheim delen; en omdat het qua zomer nog net kan en aardbeien nog volop zoet en verkrijgbaar zijn; met aardbei en karnemelk. Zooooo lekker.

Tip: als je nou niet weer met het geijkte bloemetje of flesje wijn wil aankomen bij een etentje: bak ff wat van die muffins, doe er een paar in een gezellig doosje (van die blikken, kun je voor een habbekrats bij de kringloop kopen; schoonmaken, bakpapiertje erin, muffins erbij, strikje erom) en je maakt vrienden voor het leven (als ze dat nog niet al waren). Hou er wel een paar apart om jezelf te belonen voor je goede cadeau’tje!

250 gram bloem
1 theelepel bakpoeder
1 theelepel baking soda (te koop bij toko of betere drogist)
130 gram suiker
snufje zout
1 ei
80 ml neutrale plantaardige olie
2,8 dl karnemelk
250 gram aardbeien

maak de aardbeien schoon, prak ze grof. Hou er eventueel een paar apart voor bovenop als ze klaar zijn.

Zeef de bloem en de suiker boven een kom en doe er het bakpoeder en de bakingsoda bij met het snufje zout.

Klop het ei luchtig en meng dat met de karnemelk en de olie, meng en voeg de geprakte aardbeien daarbij.

Doe de natte ingrediënten bij de droge en meng met een spatel.

Doe dit in een muffinbakvorm die is ingevet of waar je van die handige cupcakepapiertjes in doet. Gekreukelde bakpapiertjes erin kan natuurlijk ook. Alle muffinvormpjes vul je voor ongeveer 2/3 (iets meer mag).

Dan hup, de oven in, op 180 graden, zo’n 20-25 minuten. Prik na 20 minuten even om te bekijken of het gaar is. Prikken is met een sateprikker en als ie er schoon uitkomt, is het gaar. Nog niet gaar? Nog even in de oven.

Omdat elke oven anders is, is het zo’n 180 graden. Je moet zelf even bekijken of het dan iets heter of kouder gezet moet worden. Of iets langer erin... het zijn indicaties, ik kom niets controleren.

Als het klaar is, even laten afkoelen. Eventueel garneren met aardbeien en hopla, smullen maar. Het is ongeveer genoeg voor 12-16 normale muffins (qua maatvoering).

O ja, en op de foto heb ik nog een klodder crème fraîche gebruikt, dan blijven de aardbeien tenminste plakken...

fionafoodclubsandwich

Broodjes versieren

Broodjes versieren en de groeten van Fiona

Laat mij los op een tafel met boterhammetjes en dingen eromheen, en ik sla aan het broodjes-versieren. Mij dat zien doen is realiseren dat het vergelijk met een kindje die een pannenkoek met veel fantasie tot een oneetbare (want vieze combi’s) pannenkoek weet te fabriceren, er wáánzinnig blij zal kijken is nooit ver weg. Ter mijner defensie: ik zal natuurlijk slechts waanzinnig smakelijke combinaties bij elkaar frutselen. Mij zul je geen drop op pindakaas zien doen of jam -for that matter.

Mijn ontzettend lieve Surinaamse buurvrouw waar wij vroeger naast woonden, gaf mij altijd broodje pindakaas met jam tussen de middag als ik daar een keer lunchte. Ik weet dat het in beginsel een fähige combi is, maar ik voelde mij zielig en verdrietig ermee en durfde nooit te zeggen dat ik het niet lustte want de buurvrouw was zo lief. Kwijlend en jaloers keek ik naar de borden curry die de rest van de familie daar at. Waar ik, zo bleek later, prima ook van had mogen meesmikkelen, maar buurvrouw dacht mij met mijn Hollandsche Broodje pindakaas-jam aanzienlijk blijer te maken dan met die waanzinnig lekker geurende curry’s. Op enig punt is namens mij aan buurvrouw verteld dat ik pindakaas lust en ook jam, maar niet op elkaar. Toen kreeg ik losse broodjes jam en pindakaas. Geen curry nog steeds. Overigens, ik bewaar wel heel warme herinneringen aan de kippenpootjes die ik uit school over het tuinhek van diezelfde buurvrouw kreeg aangereikt. Wij aten geen kip thuis en ik ben er altijd stapelgek op geweest, dus dat was écht een traktatie. Buurvrouw, als je dit leest: ik word nog weleens kwijlend wakker bij de gedachte aan die kippenpootjes!

Maar terug naar de broodjes. Een onversierd broodje is een saai broodje. En een dag saai gegeten, is een dag niet geleefd. Dus, Ardenner boterhamworst (en andere versies van vergelijkbare worst zoals gekookte worst enzo) wordt door mij voorzien van mosterd en ofwel plakjes augurk, ofwel tomaat. Kaas, daar moet komkommer en peper op. Of tomaat. Tomaat kan overal op. Behalve op variaties van cervelaat, salami, droge worst of anderszins van deze worst; augurk erop en roomkaas met kruiden eronder. Als je van die kruidenroomkaas hebt, kan daar overigens ook heel goed prosciutto op, daar kan dan weer wel tomaat bovenop, evenals kaas. En kaas is dan bijvoorbeeld provolone of pecorino (hoe ouder, hoe beter!). Hoewel als er pecorino op de prosciutto en tomaat gaat, dan heb je geen kruidenkaas eronder nodig. En de tomaten horen trouwens bovenop. Gewone ham dan, honing/mosterd/tijm in willekeurig volgorde en of samenstelling. Heel goed met augurkjes. Pastrami trouwens ook; goed met mosterd en augurk. Bijna overal kan dan ook weer sla bij natuurlijk, maar dat hoeft niet perse. Vis dan. Gerookte makreel, met chilisaus en sambal of, nog beter met wasabimayo en een paar plakjes gekookte (eventueel zure) rode biet. Wasa-cracker, smeer er smeerkaas op en doe daar plakjes gekookt ei op en natuurlijk een beetje peper. Radijs, gaat daar ook goed bij. Ik kan denk ik makkelijk 10 blogs doorgaan hoor, over dit soort combi’s.

Wat een ontdekking was een club-sandwich dan ook voor mij. Als dat geen versierde broodjes zijn, dan weet ik het ook gewoon niet meer. Ik heb mijzelf uitgeroepen tot wereldwijd clubsandwich-tester. Johannes van Dam schijnt gezegd te hebben dat je aan een club sandwich de culinaire kwaliteit van een restaurant kan testen. Ik kan wel meegaan in die theorie. Flikkeren ze er bijvoorbeeld ijsbergsla op, dan hoef je het eigenlijk al niet eens meer te proeven, dan weet je meteen dat de tomaten -indien aanwezig- van die smakeloze waterbommen uit de kas zijn en moet je het eigenlijk gewoon per ommegaande terugsturen en wat anders bestellen. Neem dan maar gewoon een broodje kroket. Voordeel van club sandwich om restaurants mee te testen is dat het ook een wereldwijd fenomeen is. Mijn beste twee club sandwiches heb ik -behalve thuis natuurlijk- gegeten in Amsterdam oost, bij café 1900: aanrader. De andere was in Malang, Java, Indonesië. Café 1900 is dan dichterbij, maar mocht je die in Indonesië willen proberen, dan zoek ik graag de naam van het hotel op alwaar dit naast het zwembad geserveerd werd met een koel drankje.

Hoewel een club-sandwich oorspronkelijk uit Amerika lijkt te komen, kun je er toch ook gezellig je eigen Hollandsche tintje aan geven natuurlijk. Omdat ik op het moment van maken, niet zo gruwelijk veel Hollandsche dingetjes in huis had, behalve Zeeuws spek, is deze Hollands-met-internationaal-tintje. Desalniettemin: goed werkbaar. Heel Erg Goed werkbaar.

Men neme (voor 1 clubsandwich) :

3 boterhammen, kleur zelf weten, ik ga voor bruin, die dienen geroosterd.
1 avocado, in stukjes zonder schil en zonder pit (logisch)
1 fatsoenlijke tomaat met tomatensmaak, in plakjes
1-2 hardgekookte eieren, geschrokken, gepeld, afgekoeld en in plakjes
stuk of 6-8 plakjes zeeuws spek, gebakken in een droge koekenpan geen zeeuws spek in huis? met plakjes kipgrillworst werkt het ook!
peper en zout

Bereiden: stapelen

Daarna: sterkte, want het is een flinke stapel en dat netjes eten is godsonmogelijk!

fionafoodgruwel

Gruwel 2.0 versie 2014

Fiona's gruwel en de groeten van Fiona

Ik heb bijzonder weinig “zo-deed-oma-dit”-recepten, ik ben namelijk voor minstens 99% autodidact waar het eten koken betreft. Zo deed oma dit, dat hield tomatensoep in met stokbrood in ons geval. Punt. En dan niet eens heel bijzondere tomatensoep ofzo. Maar, zo bedacht ik me een tijdje geleden toen een vriendin ineens dit gerechtje op tafel zette als toetje, rode vruchten in bessensap met mascarpone, dát maakte mijn oma altijd en dat vond ik berelekker. Goed, toen ik dat van mijn oma kreeg moest mascarpone nog worden uitgevonden, althans, in Nederland in ieder geval. Mijn oma deed er slagroom op.

Van de vriendin kreeg ik per kerende whatsapp het recept in foto toegestuurd. Ik ben vervolgens ook wat gaan googelen naar dit hapje, en vond wat ik zocht, maar dan wel totaal en volslagen anders. Blijkbaar kon mijn oma zich ook al niet aan recepten houden, weet ik in ieder geval waar ik dat vandaan heb. Het is ook niet zo dat ik niet kan lezen ofzo, waardoor ik me niet aan een recept hou, ik vind gewoon dat ik werkelijk alles beter weet dan mijn verzameling kookboeken, internet en andere receptbronnen en doe het dan ook beter. Het feit dat ik gelijk heb (-als altijd) blijkt mij voldoende uit de reacties van mijn tafelgenoten. En ook vooral: dat vind ik zelf. Als dát geen goede graadmeter is, weet ik het ook niet meer.

Bessola (zoals het ook in pak te koop was en volgens Google ook weer is), watergruwel, krentjebrij of kaasjebrij (ja, niet met kaas maar met kersen...logisch!) en slierie, eigenlijk allemaal tamelijk gruwelijke benamingen voor toch wel een leuk toetje waar ik wel smakelijke herinneringen aan heb.

Maar nergens vind ik wat ik me herinner. Dus, ik ga in opstand. Ik ging naar de markt en haalde er 4 rode fruiten; aardbei, framboos, blauwe bes en braam. Rode bes vind ik veuls te zuur en dit is mooi mijn feestje, dus er komt geen rode bes in. Niet één! Nu ben ik de baas. Hier ga ik dat toetje mee maken hoewel dat eigenlijk helemaal niet mag met al dat rode fruit, het moet met krenten en rozijnen. Het moet ook met gort. Weiger ik. Pertinent! En je mag er ook geen jello van maken, dat ga ik dus gewoon keihard wel doen. De gelatine heb ik al gehaald, dus er is ook gewoon geen weg terug meer.

Snoeiharde pudding-guerilla, dat wordt het en niets minder. Gewoon om te laten zien dat het me ernst is, gaat er ook nog port in terwijl dat helemaal niet hoort, of bessen bedenk ik me nu. Bessenlikeur. Nou, ik ga er dus nog een vleugje avontuur aan toevoegen ook, ik ga pas bij het maken bedenken welke fles ik er op loslaat. Living on the edge. Ik durf dat.

En het hoort al helemaal niet met hangop. Doe ik ook gewoon. Doe ik er gewoon bij. Let maar eens op. Ik ben niet meer te houden!

Fionagruwel 2.0 versie: 2014. Maak je borst maar nat!

Nodig:
500 ml bessensap
scheutje port (of bessenlikeur, maar port werkt beter...)
suiker naar smaak
zo’n 250 gram gemengd rood fruit (bosbes, braam, aardbei, framboos, rode bes, wat je lekker vind)
(hou wat apart voor de garnering)
1/2 theelepel kaneelpoeder
5-6 blaadjes gelatine
dikke yoghurt voor erbij

Doe de gelatineblaadjes in een bakje koud water en laat het zacht worden.

Verhit de bessensap met het scheutje port, de kaneelpoeder en eventueel de suiker. Het hoeft niet te koken, maar als je de alcohol eruit wil, moet de kook er wel even over. Zodra het warm is, kunnen de gelatineblaadjes er een voor een doorheen geroerd worden tot ze opgelost zijn.

Doe in aparte muffinbakjes of puddingschaaltjes eventueel een bakpapiertje (haalt er makkelijker uit) en verdeel de gemengde vruchten erover. Giet het warme bessensapmengsel erover en zet minstens een uur of 4 in de koelkast om af te koelen en op te stijven.

Serveer met wat dikke yoghurt (al dan niet met wat suiker) en nog wat van de apartgehouden vruchtjes. Smullen!

fionafoodmaaltijdsalade

maaltijdsalade

Maaltijdsalade met rolletjes beenham en frambozendressing en de groeten van Fiona

Vaak als ik uit een kookboek wat lekkers kook, heb ik het idee dat ik het recept zoals opgegeven en op het plaatje getoond ook daadwerkelijk gemaakt heb. Dat zit dan zo in mijn hoofd, tot zover ook de theorie. De praktijk is vaak weerbarstiger.

Zo komt het best vaak voor dat ik voor een bepaald gerechtje het kookboek in kwestie oppakte, het gerecht weer opzocht en weer hetzelfde niet maakte wat daarin stond. Wel dan min of meer herkenbaar als datgene wat ik eerder al had gemaakt en waarvan ik hardnekkig de illusie blijf hebben dat het hapje uit het boek betrof. Dat soort dingen gaat dan goed op zich maar komt aan het licht als ik mijn partner vraag datzelfde gerecht te maken. Ik zeg dan wat ik bedoel, partner herinnert zich wat ik maakte en kan dat natuurlijk niet terugvinden in het boek. Ik beticht partner dan van ongebreidelde onnozelheid, want het is écht dat boek en ja, dat is echt op pagina 38... Dus hoe kan het nou weer dat jij dat niet kunt vinden als ik dat wel steeds kon vinden???

Partner wijst mij er dan hardnekkig op dat de enige overeenkomst tussen het door mij bedoelde hapje en het gerecht uit het boek meestal hooguit 2 ingrediënten zijn en veelal de bereidingswijze nog niet eens in de buurt komt van hetgeen in het boek beschreven werd. De rest is eigen creatie. De dag dat ik me aan een recept ga houden, moet denk ik nog aanbreken, hooguit dan als ik echt iets probeer te re-creëren of onbekend ben met het soort gerecht of de keuken waar het uitkomt.

Daarom kan ik bestaande gerechtjes dus ook niet uitbesteden, ik kan beter gewoon vragen: wil jij koken, schat? En het verder loslaten. Zou voor de relatie ook beter zijn denk ik.

Daarom het hieronder vermelde recept. Overeenkomst met waar ik het vandaan heb: ham en iets met frambozen. De rest van het originele recept en mijn hap heeft niets met elkaar van doen. Het origneel hou ik voor mezelf, dat is namelijk vast niet zo lekker als wat ik ervan maakte. Mijn versie:

Spinaziesalade met beenhamrolletjes en frambozendressing (ofzo)

nodig:
2 ons beenham in plakjes
1 pak krieltjes
150 gram verse spinazie


1 sjalotje
2 eetlepels frambozenazijn
2 eetlepels rode vruchtenjam (frambozenjam mag natuurlijk, anders bosvruchten)
2 eetlepels notenolie
2 eetlepels olijfolie
peper en zout,
verse peterselie.

Kook de krieltjes tot ze gaar zijn, giet ze af en zet ze een nacht in de koelkast. Heb je niet zoveel tijd? Voorzichtig onder de kraan koelen.

Was de spinazie, droog het in een slacentrifuge of laat in een schone theedoek goed uitlekken.

Snipper het sjalotje en meng met de frambozenazijn, de jam, een beetje zout en peper. Giet er al roerend druppelsgewijs de olie door. Proef even en als er iets nog bij moet, dan moet je dat erbij doen.

Drapeer de spinazie leuk op een bord. Leg daar de krieltjes op. Maak van de plakjes beenham rolletjes en drapeer die weer leuk op de krieltjes en schenk daar de dressing over. Strooi daar de peterselie over. Eventueel nog wat versgemalen peper en serveren maar.

Kan als maaltijdsalade voor 2 personen of een hoofdgerecht voor 4-6 personen, afhankelijk van hoeveel gerechten je erna gaat serveren. Succes en smikkelze!

fionafoodkoudesoep

Preisoep

Het geheime ingrediënt van soep en de groeten van Fiona

Hoewel ik veel en graag kook en er -gelukkig- zeer zelden iets mislukt, zie ik mezelf niet als expert ofzo. Het is niet alsof ik ooit een opleiding heb gevolgd. Ik heb ooit 1 cursus gevolgd: worst maken. Super trouwens, kan ik eenieder van harte aanbevelen. 1 nadeel: hoe meer je zelf leert doen, hoe verwender je wordt. Is dat erg? Nee, natuurlijk niet, maar het wordt steeds moeilijker buiten de deur eten.

Een tijdje geleden ging mijn broer wat verbouwen, hij had namelijk een huis gekocht en er moesten nog dingen. Ik ook altijd met mijn grote mond; ik dacht dat het leuker zou worden als hij hier en daar een muurtje zou wegmeppen. Nou had ik gewoon gelijk, daar niet van; het is er mooi en ruim en fijn van geworden, maar ik had natuurlijk ook aangeboden daarbij te helpen. Daar hij nog een keuken moest installeren, hadden we daar vooral alleen beschikking over een magnetron. Ach, hoe erg kan het zijn een paar kant-en-klaar maaltijden van meneer Appie te eten, dacht ik nog. Nou, 1 ging, 2 werd vervelend bij de 3e werd ik een gevaar voor mijzelf en mijn omgeving. Van zelf lekker kunnen koken word je verwend. En ik maar denken dat dat een voordeel is, maar dat terzijde.

Wat ik maar zeggen wil, ik ben gewoon blij aan het hobby-en, lees eens een kookboek, onthou hier en daar eens wat, dat werk. Maar er zijn dus ook mensen die tot voor hen verbijsterende ontdekkingen komen waarvan andere mensen (zoals ik) zich dan weer afvragen: que?

Ik had eens wat mensen uitgenodigd om te bewijzen dat mijn opschepperij over mijn kookkunstjes tijdens de achter ons liggende reis niet helemaal uit de lucht gegrepen was. Aangezien de reis naar Spanje ging, vond ik het wel leuk de tafel vol te plempen met tapa’s. Voordeel daarvan is ook dat er voor iedereen sowieso wel iets lekkers tussen zit, hoe verschillend het publiek ook is.

Iemand aan tafel vertelde mij, al gazpacho-proevend, dat hij recent had ontdekt wat de basis van soep was en dat had hem verbaasd. Bouillon? Nee, basaler: water. Soep wordt gemaakt van water. Water. Soep wordt gemaakt van water. Nee!?!?! Ja! Ik vroeg verder, ja maar wat dacht je dan? Nou, gewoon dat soep van soep wordt gemaakt. Net als melk, is ook gewoon melk, dan is soep gewoon soep.

Ach, zo dacht ik jarenlang dat Heerlen in Friesland lag hoor, we roepen allemaal weleens wat. Overigens vind ik eigenlijk nog steeds dat Heerlen wat mij betreft in Friesland kan liggen, ik zou dat logischer vinden. Maar dat ook terzijde.

Ik kon me er uiteindelijk ook wel wat bij voorstellen. Als eten niet zo’n ding is, maar gewoon iets wat je doet en waar je niet zo mee bezig bent, tsja. Melk is ook gewoon melk. Komt uit een koe. Waarom zou het hoofdbestanddeel van soep dan ook niet gewoon soep kunnen zijn? Tomaten erbij, heb je tomatensoep. Mosterd erbij, heb je mosterdsoep.

Nou ja, wat daar ook van zij, soep dus. Soep. Winterse warmmaker; therapeutisch, hartverwarmend, gezellig, medicinaal (kippensoep bij griep, ideaal), noem maar op. Maar soep is eigenlijk net als de Italiaanse pasta: zo veelzijdig als je creativiteit je wil brengen. Ik denk dat er weinig is waar je geen soep van kunt maken, getuige ook de vele soepboeken die op de markt zijn. Maar goed, een kom loeihete soep met zware, hartige ingrediënten om je een elfstedentocht door te helpen, daar heb je hartje zomer niet zoveel aan natuurlijk.

Spanjaarden hebben hun gazpacho bedacht, lekkere koude soep die licht is en dus goed te hachelen op een warme dag. Maar ja, deze site gaat -hoofdzakelijk- over de lekkere dingen die de Hollandsche keuken te bieden heeft, dus gaan wij ook een koude zomersoep maken. Althans, ik deed dat al en jij misschien ook nu. Meenemen in iets wat goed afsluitbaar is dit doet hapje het echt uitstekend als ijskoud picknickgerecht met een stuk stokbrood en klaar ben je. Door de yoghurt is het juist heel lekker om koud te eten omdat het een heeeeeeeel licht zuurtje krijgt. Past goed bij een snikhete dag, zo stelde ik vast.

Koude aardappel-preisoep met yoghurt en gestoomde vis

Genoeg voor 4 personen als maaltijdsoep. Vooraf of als picknickgerecht al snel voldoende voor meerdere mensen:
scheutje olijfolie
2 grote of 3 kleine preien, in ringen
1 sjalotje, heel fijn gesnipperd
5 aardappels, geschild en in blokjes
2 groentebouillonblokjes
1 liter water (jep, water dus)
100-200 gram griekse yoghurt
400 gram stevige witte vis, bijvoorbeeld kabeljauw (zoveel! smaakvoller dan tilapia ofzo), maar met zalmfilet moet het ook goed werken. En of een handje Hollandse garnalen per bordje.
peper, zout en desgewenst dille
klein beetje citroensap
lekker donkerbruik stokbrood

Verder nodig: stoommand, bakpapier, staafmixer

Snijd de vis in stukjes en bestrooi met peper, zout en desgewenst wat dille. Druppel wat citroensap over de vis. Doe een stuk bakpapier in een stoommand en doe de vis daarop.

Fruit de sjalot even in de olijfolie, voeg de preiringen toe en laat even meebakken. Doe de aardappels erbij. Bouillonblokjes erin en water (handig om dat vast te koken in de waterkoker). Aan de kook brengen en zo’n 20 minuten laten koken. Zet de stoommand erop en als het goed is, zijn je aardappels tegelijk gaar met je vis. Allebei controleren anders langer koken.

De hele handel van het vuur houden en de vis even apart zetten. Staafmixer in de soep tot het alles gepureerd is. Eventueel nog zout en peper naar smaak erbij. Let op, als je dingen afkoelt, mag er altijd ietsje meer zout doorheen zitten. Dat is soms wat lastig mikken, hou wel altijd het adagium hoog: zout kan er wel bij, eruit halen is lastig. Dus bij twijfel niet inhalen, je kunt vlak voor serveren ook altijd nog wat zout toevoegen mocht dat nodig zijn. Yoghurt erdoorlepelen en vis en soep koud zetten. Vis kan al in de soep maar esthetisch is het leuker de visstukjes in de geserveerde soep te leggen.

Soep moet in de koelkast echt wel 2 uur afkoelen, je kunt het ook even in de vriezer zetten, dan kan het natuurlijk aanzienlijk korter.

Brood erbij en smullen maar!

fionafoodfusion

Noedelsalade met Tofu

Fusion en de groeten van Fiona

Toen de “Chinees op de hoek” de straathoeken van Nederland begon te veroveren, was dat niet iets waar wij van huis uit enige bijdrage aan leverden door klandizie te zijn voor deze toen nog totaal nieuwe verschijning in het Nederlandse straatbeeld en de Nederlandsche hartjes, want veel en goedkoop.

In China wordt alles gegeten wat pootjes heeft, behalve een tafel. Ik ben in China op reis geweest, lang geleden, en ik stelde vast dat dit correct is. Sterker, alles zónder pootjes wordt ook gegeten. Ergo, zo was de redenering bij ons thuis; bij de Chinees om de hoek kon je alleen kat en hond eten. En dat is zielig, dus daar gingen we niet heen en mijn moeder was -en is volgens mij nog immer- boos op mensen die naar de “Chinees op de hoek” gaat want je mag geen lieve hondjes en katjes eten. Einde discussie. Op naar het zoveelste bord koolstamppot van verschillende koolvariaties.

Dat de Chinese ondernemer allang had ingezien dat hond, kat, wurm, schorpioen, das en noem nog eens wat van die dieren niet werkt op een Hollandsche menukaart, doet niets af aan het hardnekkige idee dat zich in mijn moeders hoofd nestelde; bij de Chinees eet je hond en kat.

De Chinese ondernemer had ook allang had ingezien dat Hollanders nul komma nul interesse hadden -en meest nog hebben- in de werkelijk bijzonder rijke, gevarieerde en hoogstaande keuken van China. Babi pangang, fu yong hai, nasi goreng, sate met satesmurrie, er is geen woord Chinees aan. Geen hap ook! Nee, Hollanders wilden gewoon veel voor weinig en wat er in de troggen gaat, maakt niet uit, als het maar veel is.

In zijn programma De wilde keuken, vertelde Wouter Klootwijk dat je bij de eerste Chinese restaurants gewoon met een pan langsging, die werd gevuld, ondanks de grootte van de pan. Dus stuurden de Hollandsche gezinnen hun kinderen met de grootste pan langs. En dan ook niet zelf gaan, blijkbaar he, nee je kinderen sturen. Helden. -NOT.

Laten we het aanpassen aan de Hollandsche smaak van een werkelijk goede keuken dan maar fusion noemen. Flikker enorme hoeveelheden suiker en smaakversterker in grote pannen saus en klodder enorme hoeveelheden van die saus over het voer. Zie hier ook het grote succes van de “pakjes- en zakjesfabrikanten”, die beheersen dat kunstje ook als geen ander.

Er is op enig punt een groep mensen geweest die met bloedend hart toekeken hoe de Hollanders al die hoeveelheden niet-Chinees in de onwetende bekkies propten. Zij wisten -en weten- hoe goed, waanzinnig goed, de echte Chinese keuken is. Niets babi-pangang. Hotpot, mapo tofu, en zo waanzinnig veel meer lekkers. Niets bergen suiker en smaakversterker in plassen saus, nee, verfijnde gerechtjes; een tafel vol en allemaal een andere identiteit. Zout, zoet, fris, zuur, zwaar, pittig, zacht; alles in balans. Zij zijn een soort eigen Bovag begonnen. Fine Eastern Restaurants (FER). Daar kun je verder. Veel verder dan babi-pangang.

Toen ik vorig jaar met wat vrienden ‘terugging’ naar de plek waar al deze vrienden en ik vandaan komen om daar de Hoornse kermis te bezoeken, zijn we bij een Chinees restaurant gaan eten. Ze zijn aangesloten bij de FER. Ik heb daar vaak gegeten. Goed gegeten. Daadwerkelijk Chinees gegeten. En, deze kok weet ook met gevoel voor smaak en creativiteit bijvoorbeeld super Chinese sate te maken (dus geen kwak bruine drap erop) van Texels lam. Daar word ik blij van. Fusion zoals het hoort. Ook van Hollandsche ingrediënten kun je super Chinese gerechten maken. Hij kan dat.

Maar dat mochten wij niet. Wij wilden terug in de tijd. Het verschil met vroeger voelen. Ik moest -helaas- de bestelling plaatsen. Met het schaamrood op de kaken wees ik de Babi pangang, fu yong hai, gu lu yuk aan, met nasi goreng... Hij heeft het namelijk op de kaart. Voor barbaren. En idioten als wij die het verschil willen proeven tussen nu en vroeger.

Fusion, ik doe er niet veel mee want ik heb daar nog niet helemaal de neus voor ontwikkeld denk ik. Maar soms vind je een combi waarvan je weet: ach, het is geen keuken uit de wereld die je aan kunt wijzen, maar de smaken kloppen, de ingrediënten kloppen, de tijd en het weer klopt, ik doe dit. En dat deed ik. En nu jij misschien.

Ik moet ook wel echt zeggen; ik heb nooit lekkerdere pindasaus gegeten en hij moet lekker koud, want fris. Ik zou zeggen, doe je ding!

Noedelsalade met tofu en verreweg de allerlekkerste -koude- pindasaus uit de hele wijde wereld.

Nodig voor 2 personen:
lekkere noodles voor 2 personen (200-250 gram)
1 blok tofu (koop ff die zachte bij de toko, niet die spons van de supermarkt)
half doosje sugar snaps
1 rode paprika (leuker want kleurig)
4 eetlepels pindakaas
handje pinda’s, geskwoekt
sap van 1 uitgeperste citroen
2-3 cm gember, geschild en kleingesneden of geraspt
2-3 eetlepels lichte sojasaus (Chinese)
sambal oelek naar smaak maar minimaal 1 dessertlepel en oelek is niet zo heet dus dat kan best!
4 eetlepels plantaardige neutrale olie + olie voor bakken van de tofu (slaolie, arachideolie, zonnebloemolie, zoiets)
fijngehakte koriander voor erover

Dan:
Snijd de tofu in blokjes zo groot als je lekker lijkt. Bestrooi met peper en zout en bloem (worden ze lekker crunchy van). Bak de stukjes in een beetje olie of frituur ze. Bakken is beter voor je maar duurt aanzienlijk langer. Bakken tot ze lekker crunchy zijn. Dat duurt met frituren een minuut of 2.

Kook de noodles volgens de verpakking en als ze gaar zijn, giet je ze af en koel je ze af met water.

Blancheer de sugarsnaps zodat ze net niet meer rauw zijn maar wel lekker crunchy. Afgieten en afkoelen met water (anders koken ze nog wat door).

Snijd de paprika in reepjes of blokjes.

Vijzel de gember tot pasta. Meng (liefst in de vijzel) met de pindakaas, olie, sojasaus, citroensap, sambal en wat van de geskwoekte pinda’s voor het authentieke gevoel dat er stukjes pinda inzitten...

Dan: pak een grote kom, noodles erin, op esthetische wijze de tofu, sugarsnaps en rode paprika erop draperen. Daar een zeer volwassen klodder pindasaus op. Daarop nog een paar stukjes geskwoekte pinda en de koriander erover uitstrooien.

En dan: lekker losgaan!

fionafoodkoelfattoush

Fattoush met makreel

Fattoush met makreel en de groeten van Fiona

Juli, de winter die tot eind juni duurde, lijkt nu ècht in z'n hok gekropen te zijn. Dus racen we met kuddes tegelijk op veel te witte benen de zon in, op zoek naar stukjes gras waar ons kleedje op kan. Want, Amsterdammers picknicken met dit weer. Dat doen ze en dat hoort zo. Arm, rijk, oud, jong, kan niet schelen; waar grassprieten zijn, kan gepicknickt worden. Iedereen aan de pastasalade want... heel erg veel picknickfantasie hebben we nou allemaal ook weer niet helemaal. Geeft niets, als het maar gezellig is en zolang je alles met genoeg rosé wegspoelt, kom je een heel eind. (En ik moet niet zeuren; pastasalade is ook gewoon erg lekker doorgaans, als je de pasta niet tot zachte geitenkaas kookt of je meeneembak niet te lang in de zon laat liggen.)

Maar wat als je nou iets anders wil? Ff wat meer bite. Dan zijn er Meer Mogelijkheden. Zo bladerde ik door een Hollandsch Kookboekje wat ik van de C1000 heb gekocht, ik heb er 2 van de C1000 in mijn kookboekenbibliotheek en ik ben er danig mee in mijn nopjes. Er stond een recept voor pitabroodjes gevuld met makreel. Mooi! Maar ik ben ik niet als ik me per ongeluk aan het recept zou houden. Daarbij dit moest van de C1000 met lunch gegeten worden en ik wilde op mijn balkon picknicken (scheelt zeulen!) rond de tijd dat wij Amsterdammers de avondmaaltijd gebruiken.

Dus bedacht ik dat als je Fattoush maakt, een Syrische broodsalade die ik ook nog nooit gemaakt had, maar die mij ineens heel geinig leek, dan heb je als enig levende overeenkomst met mijn C1000 suggestie: het pitabrood. Meer dan genoeg basis voor een mooie combi!

Aldus, ik knip, plak en roer en kom op Fattoush met makreel en de groeten van Fiona. Echt, hij doet het heel goed. Ik weet niet of er makrelen wonen in Syrie, maar ik kan me voorstellen dat ze er alleen hiervoor al naar Syrie voor willen emigreren, die makrelen. Want als ik makreel was, dan zou ik het een fijne gedachte vinden dat ik in gerookte toestand in die fijne salade mag, o ja!

Nodig:

  1. 1 gerookte makreel
  2. 3 bosuitjes
  3. 3 tomaten (met smaak, sorry, die van de Appie werken niet!)
  4. 1 komkommer
  5. handje muntblaadjes
  6. flink wat zout (minstens halve theelepel, maar proef!!!)
  7. peper
  8. 2 grote pitabroodjes (die mogen van Appie)
  9. 2 tenen knoflook
  10. citroensap (1/2 citroen, naar smaak evt meer)
  11. olijfolie, 6 eetlepels ofzo

Doen:

Makreel aanpakken: vel, kop, staart, graten: kan weg (of flikker in pan water en trek er soep van).

Bosuitjes in plakjes snijden.

Tomaten, zaadlijsten eruit, anders wordt je salade een waterige kledder. Overblijfselen van tomaat in kleine stukjes. Komkommer, ook hier, wegens waterige kledder: zaadlijsten verwijderen (kan bijvoorbeeld met meloenbolletjestang, of je snijdt de komkommer eerst in 4-en of 6-en in de lengte en snijdt dan de zaadlijst er zo uit. De komkommer moet in piepkleine stukjes (hoeft niet geschild!).

Muntblaadjes zo klein snijden of knippen als je lekker vindt. Pitabroodjes roosteren of in koekenpan zonder olie of boter even bakken en daarna in piepkleine stukjes scheuren of snijden.

Dit alles doe je in een kom, schaal, bak of verzin wat anders gezelligs en meng wat je erin gedaan hebt. De tenen knoflook erboven uitpersen. Dressing maken van de citroen, olijfolie, zout en peper. Dat erdoor gooien, goed roeren en meteen serveren. Niet bewaren, want dan trekt de dressing in het brood en wordt het een sompige bende. Ik kom dat evenwel niet controleren, maar ik heb wel gewaarschuwd. Eet smakelijk!

O ja, en er mogen ook andere picknick-achtige dingen bij. Ook dat kom ik niet controleren.

kopkluifjes

Zomer Hamburger

Het bestaans(on)recht van de hamburgerketens en de groeten van Fiona

Er doen berichten de ronde over Jamie Oliver's hetze tegen de hamburgerketens. Om je een idee te geven waar het over gaat: in de berichten kun je lezen dat hij heeft aangetoond dat de hamburgers van de hamburgerketens eigenlijk volslagen ongeschikt zijn voor menselijke consumptie omdat ze gemaakt zijn van spul beyond slachtafval wat dan met ammoniak of andere tamelijk schadelijke schoonmaakrommel wordt 'schoongemaakt'. Dit spul zou dan helemaal geen textuur of smaak hebben (beh, het is de vraag of er überhaupt ooit sprake was van textuur of smaak in een eerder stadium van de behandeling) maar dat is niets wat je niet met wat spullen uit de chemische industrie kunt oplossen, of erìn oplossen vooral.

Kunstmatige 'smaak', kleur en textuur maken uiteindelijk -volgens die berichten waar ik het over had- dat de illusie van vlees kan worden weggedragen en dat kun je gewoon bakken en voor veel geld serveren. Of dit verhaal helemaal klopt (de keten ontkent) zou ik niet weten, want ik heb dit gewoon op internet gelezen en van verificatie is mijnerzijds op geen enkele wijze sprake. Edoch, het verbaast mij evenwel geenszins. Laatst op een feestje deed dit verhaal de rondte en verschillende mensen leken flabbergasted over deze gang van zaken.

Kijk 2 afleveringen van de Keuringsdienst van Waarde en je weet dat een hoop van de verpakte spullen (heus niet alle) uit de supermarkt slechts een illusie van de smaak bevatten, waarbij door de psychologische werking van marketing waaronder het vrolijke plaatje op de voorkant van de verpakking, al snel het idee geboren is dat je proeft wat je op dat plaatje ziet. Van hamburger en mayonaise tot vanillesmaak in je ijs terwijl het een beverbijproduct is waar niemand vrolijk van lijkt te worden. Ach, al deze producten, of het nou de 'pink-slime' hamburgers, 'echte' mayonaise of 'bevergeil' - zo wordt dat echt genoemd - is, hebben uiteindelijk toch een extract van een natuurlijk product als basis in zich, en daar kan de afdeling Marketing van de voedselgigant wel weer wat leuks van maken.

Los van dit actuele verhaal, roep ik al jaren dat voor de hamburgers van de bekende ketens geen dier is gestorven. Het smáákt simpelweg niet naar vlees. Het zijn in mijn ogen plastic burgers met pvc-saus in een broodje wat gemaakt is van sponsjes gemaakt uit de resten van de schoonmaakindustrie. Of je nou je bakje waar je hamburger in verstrekt wordt, mee opeet of weggooit, verschil proef je toch niet, althans; ik proef het niet. Daar voeg ik voorzichtig een vooroordeel bij ten aanzien van het gemiddelde IQ van de gemiddelde hamburgertentbezoeker, waarbij ik het gevoel heb dat die het verschil tussen de burger en het bakje niet ziet; laat staan proeft en ik snap een klein beetje waarom die ketens bestaansrecht hebben in de markt.

Helemaal grappig, ik woonde voorheen in de Pijp in Amsterdam, vlakbij waar een van de ketens zit, midden tussen allemaal eettentjes waarbij een flink deel van de 167 in Amsterdam gevestigde nationaliteiten vertegenwoordigd is, in ieder geval culinair. (Getal niet geverifieerd.). Je kunt dus op zo'n beetje elke straathoek - en ertussen - voor weinig geld veelal goed, vers, mega-divers en zeer betaalbaar eten halen of daar eten. Toch zit de keten vol, draait als een bezetene. Ik snap het niet, snapte het niet en zal het niet gaan snappen denk ik. Loop 1 blok verder en haal de heerlijkste Indische hapjes in huis, roti om de hoek, noem maar op. En toch zitten 'ze' allemaal aan de hamburgerillusie. Gelukkig is er genoeg vraag naar lekker eten en redden de meer exotische eethuisjes zich allemaal doorgaans heel goed, getuige het aantal jaren dat ze daar zitten.

Als ik al vind dat ik buitenshuis een hamburger moet eten, dan doe ik dat meestal in een leuk eetcafé waarvan ik weet of op zijn minst vermoed dat ze als geheim ingrediënt vlees gebruiken. Maar het moge voorzichtig duidelijk zijn dat ik doorgaans liever thuis eet, waarbij ik niets wil afdoen aan restaurants die hun klant wel degelijk serieus nemen en wel hun best doen en waarbij vakkundigheid een belangrijk ding op de agenda is!!! Helaas is dat niet overal zo.

Mijn conclusie; hamburgers moet je niet associëren met de 'hamburgers' van de ketens, maar met een superlekker en makkelijk te maken hapje van een lekker vleesje; je weet wel: van een dier, makkelijk eetbaar want in een lekker broodje. Variaties: oneindig! Doe je zelf en je lichaam iets beters cadeau dan al dan niet opgeleukte 'pink-slime' zou ik zeggen, hieronder een voorbeeld.

Dus een recept voor superjummie eigengemaakte burgers, typisch variatiegevalletje -en varieer daar ook blij op los zou ik zeggen. Soort van 1001-nacht-achtige twist met een soort van 1001-nacht-achtige 'tzatziki' als sausje erop. Lekker fris, dus goed voor bij warm weer: doe je best, eet smakelijk en hierna denk je -denk ik- wel 3 x na voordat je een hamburgerketen opzoekt.

Nodig voor 2 personen (4 kleine burgers):

  1. 300 gram rund of lamsgehakt (ik doe dan eigenwijs soms toch varken, maar da's weer weinig arabisch...-gelukkig komt niemand controleren...)
  2. 1 kleine rode ui of flinke sjalot
  3. 1 theelepel harissa (iets meer als je van pittig houdt)
  4. 1 teen knoflook
  5. 1/2 theelepel raz el hanout (specerijenmengsel)
  6. zout, peper (versgemalen)
  7. 1 theelepel komijnpoeder
  8. 1 theelepel paprikapoeder
  9. 2 eetlepels verse munt
  10. wat verse koriander
  11. 1/2 komkommer
  12. kop griekse of iig heel dikke yoghurt
  13. 1 teen knoflook
  14. zout
  15. flinke hand verse munt
  16. komijnpoeder
  17. 4 pitabroodjes
  18. rucola
  19. 1 tomaat
  20. olijven
  21. als je hebt; hummus
  22. olijfolie
  23. sjalotje
  24. (wijn)azijn of citroensap
  25. zout
  26. peper
  27. liefst een grillpan, anders koekenpan

Begin met de yoghurtsaus want de komkommer moet nogal uitlekken ; rasp de komkommer, doe het in een zeef met zout en laat uitlekken. Knijp de komkommer een keer of drie helemaal uit om zoveel mogelijk vocht kwijt te raken. Meng daarna de komkommer met yoghurt, komijn, snijd de munt klein en als je dat lekker vindt een beetje koriander, en pers een teentje knoflook erboven uit. Meng goed en proef. Gooi naar smaak nog zout, peper of komijn erbij.

Verhit vast de grillpan.

Dan: snijd het sjalotje heel fijn, pers het teentje knoflook, hak de munt en koriander fijn en meng dit met het gehakt, zout, peper, raz el hanout, harissa, komijnpoeder, paprikapoeder. Deel, als het goed gemengd is, het gehakt in 4 porties en maak daar platte ballen van. Grill de hamburgers per kant een minuut of 5, tot ze gaar zijn.

Rooster ondertussen de pitabroodjes en maak een salade van de rucola (hou wat blaadjes apart voor in de pitabroodjes), tomaat, fijngesnipperd sjalotje en olijven. Maak een dressing van de olie, citroensap of (wijn)azijn, zout en peper. Als je hummus hebt, is een klodder daarvan ook erg lekker door de dressing.

Doe op elk bordje wat salade en maak dat gezellig op met de dressing erover. Snijd de pitabroodjes open, doe er een paar blaadjes rucola in (als je lekker vindt, wat rode ui) en doe er een hamburger in. Daar gaat de yoghurtsaus op en de burgers zijn klaar, kunnen op het bordje erbij en hopla; je weet niet wat je gebeurt! Succes en de groeten van Fiona!

close
pc